Dieuwertje Mertens journalist- redacteur- docent

Balanceren op het randje van kitsch

Balanceren op het randje van kitsch

Het Parool, Donderdag 25 januari 2018

Verhelst is de koning van de Esthetiek

Dieuwertje Mertens

Vandaag is de Poëzieweek begonnen, Het bijbehorende poëziegeschenk werd dit jaar geschreven door de Vlaamse dichter, romancier en regisseur Peter Verhelst, die ook een gedicht voor de bibliotheken maakte, dat op posters door het land wordt verspreid. Dat gedicht, Hoe stil het ook zal worden, is zo’n wonderschoon gedicht, dat het te behaagziek of te kitscherig had kunnen zijn. Dat is het niet. Typisch Verhelst. Verhelst is de koning van de esthetiek en hij balanceert regelmatig op het randje van kitsch, maar gaat er niet overheen.

Dat doet hij ook niet in zijn poëziegeschenk, Wat ons had kunnen zijn. We bevinden ons tien gedichten lang in het theater: er is een podium, een publiek, een souffleur, een lachkoor en bekende stukken van Samuel Beckett en William Shakespeare.

Als een dichter zich baseert op theaterklassiekers, zou je een gedicht van anekdotische aard verwachten, maar dat is niet hoe Verhelst te werk gaat: Hij dient een toestand of een sfeer op. In Verhelsts Wachten op Godot (1) is de telefoon die afgaat in het publiek net zozeer onderdeel van de voorstelling als de acteur die op het podium staat: ‘(..)In het duister trilt een telefoon vergeefs./ Hoeveel levens sta ik hier al, handen/ in mijn jaszakken, gesloten ogen, alsof iemand in me neuriet. (..)’

Het toneel is een parallel universum, zoals er eigenlijk voortdurend en overal een parallel universum is. Dit laat Verhelst zien in Souffleur. ‘Wat ons had kunnen zijn:// onder al ons roepen zwijgt de man/die hier niet was/ over de vrouw die hij heeft gekend. (..)’

Zijn poëzie laat zich moeilijk samenvatten; daar gaat ook de aantrekkingskracht van uit. Hij gebruikt de taal om een situatie invoelbaar te maken. Daarom is zijn poëzie zo zintuiglijk, vol bewegingen en in zekere zin ‘theatraal’. Toch gaat het in wezen niet om wat we opvoeren en de rol die we spelen, maar om wat daaronder ligt: een mogelijkheid. Dat lijkt Verhelst in het poëziegeschenk te willen uitdrukken.

Of misschien zegt hij het wel in Wachten op Godot (2): ‘ (..) Ik heb een boom gebouwd, een tuin,/ met platte stenen de omtrek van een huis om in te wachten.// Boven de asfaltstrook trilt soms de vrouw/ in een fontein (..)’

 

Wat ons had kunnen zijn
Door Peter Verhelst
Cadeau bij besteding vanaf €12,50
in de Poëzieweek (t/m 31/1)