Recent Posts

Fritzi, koningin van de bohème

Fritzi, koningin van de bohème

Het Parool, Boeken, zaterdag 12 november 2018 Jagtlust: Ontmanteling van de mythe Dieuwertje Mertens Dichter, schrijver en kunstenaar F. Harmsen van Beek, beter bekend als Fritzi, genoot de reputatie ‘de koningin van de bohème te zijn, een icoon van de in de jaren zestig alom […]

Verloofden, lees dit niet/wel

Verloofden, lees dit niet/wel

Analyse: Echtelijke verbintenis in de literatuur Geluk vormt de aanloop, de trouwerij is de prelude op de hel die zal volgen. Echtscheidingsliteratuur is een genre op zich, schrijft Dieuwertje Mertens naar aanleiding van de nu verschenen bundeling Huwelijksverhalen van Mensje van Keulen. ‘Philip moet toegeven […]

Doorgeefluik voor verhalen van anderen

Doorgeefluik voor verhalen van anderen

Het Parool, Boeken, zaterdag 13 oktober

‘Ze zag zichzelf meer en meer als een uitgespaarde vorm, een contour’

Dieuwertje Mertens

Wat gebeurt er als je het ego van de verteller van een roman weglaat en haar omgeving leidend maakt? De Brits- Canadese schrijver Rachel Cusk (1967) experimenteerde hiermee in de trilogie Contouren, Transit, Kudos.
Het perspectief ligt bij schrijfster Faye, die als doorgeefluik fungeert. Op de achtergrond maakt ze als moeder van twee zoons een transitie door van een getrouwde naar een gescheiden vrouw die uiteindelijk een nieuwe liefde vindt. Ook in het derde deel, Kudos, is Faye zeer onnadrukkelijk aanwezig. Zelfs het woord ‘ik’ wordt in toenemende mate vermeden.

Het eerste deel, Contouren, speelt zich af in Griekenland, waar de schrijfster op werkbezoek is. Ze ontmoet de Schotse gastauteur Anne, die haar vertelt hoe ze haar eigen identiteit verloor toen haar huwelijk stukliep. In het vliegtuig had ze een interessant gesprek met haar buurman. Faye vertelt uit tweede hand: ‘Hoe langer hij sprak, des te sterker tekende zich een contrast tussen hen af (..) hij beschreef precies wat zij niet was: voor alles wat hij over zichzelf vertelde, herkende ze een overeenkomstig tegendeel in haar eigen aard. Door deze antibeschrijving (..) was ze tot een inzicht gekomen: terwijl hij aan het woord was zag ze zichzelf meer en meer als een uitgespaarde vorm, een contour: alle details om haar heen waren ingekleurd, maar zijzelf bleef blanco.’

Kijkrichting

In deze kernpassage wordt precies beschreven hoe Cusk te werk gaat in haar romans, maar blanco blijft ze niet. De verteller bepaalt de plaats, kijkrichting en welke verhalen ze optekent van de mensen die ze ontmoet. Deze verhalen worden sporadisch onderbroken door een persoonlijk oordeel, een gedachte of een kanttekening. Meestal registreert ze enkel. Toch zijn die registraties veelzeggend.

De verhalen gaan bijna allemaal over het (stukgelopen) liefdes- en gezinsleven van de personages. Faye wekt de indruk dat eenieder die ze ontmoet, haar een afgerond verhaal met een persoonlijke waarheid over het leven vertelt. Daaruit blijkt hoezeer ze de regie in handen heeft, want hoewel ze bijna niets over zichzelf loslaat, maken deze verhalen wel duidelijk waar haar interesse naar uitgaat. Ze toont zich een buitengewoon geïnteresseerd toehoorder: ze wil écht weten hoe mensen en hun relaties in elkaar steken. Welke verhalen creëren ze om hun levensloop te verklaren?

Daarmee belanden we bij het tweede grote thema in de trilogie: wat is waarheid en wat is fictie? Opvallend genoeg zijn de stemmen in Kudos inwisselbaar in toonsoort en denktrant, in tegenstelling tot de andere twee delen (waarin een bouwvakker bijvoorbeeld ook spreekt als een bouwvakker). Dit wekt de suggestie dat alle verhalen van Faye zelf afkomstig zijn.

Ondraaglijk

Nadat Faye in Transit veel tijd heeft doorgebracht in haar nieuwe huis, begint Kudos net als Contouren in een vliegtuig naar een mediterraan oord waar Faye te gast is op een literair festival. We maken direct uitvoerig kennis met Fayes buurman in het vliegtuig. Hij heeft zojuist zijn hond Pilot begraven in de tuin, maar heeft niets tegen zijn vrouw en kinderen over de dood van de hond.

Hij vertelt dat hij een parallel ziet tussen de wens van zijn vrouw om zonder hem te bevallen van hun kinderen en zijn wens om zonder zijn gezin te rouwen om de hond: ‘”Ze waren dol op Pilot,’ zei hij, “maar í­k had hem getraind en afgericht, í­k had hem gemaakt wat hij was. In zekere zin heb ik hem gecreëerd,” zei hij, “om tijdens mijn afwezigheid mijn plaats in te nemen. Ik geloof niet dat iemand kon begrijpen wat ik voor hem voelde, zelfs zij niet. En het idee dat zij erbij zouden zijn en dat hun gevoelens voor de mijne zouden gaan was vrijwel ondraaglijk – wat volgens mij,”zei hij, “min of meer was wat mijn vrouw had bedoeld.”‘

Het is een uitleg die de man houvast biedt; het verschaft hem het benodigde vertrouwen dat hij niet anders kon handelen. En dat geldt voor veel van de diepere waarheden die de personen die Faye ontmoet, opdienen.

Uiteindelijk gaat het erom hoeveel geloof je aan je eigen verhalen hecht, lijkt Cusk te willen vertellen. Haar romans bieden inzicht in de mens, maar laten bovenal zien wat de overweldigende kracht van verhalen is en hoe hard we die nodig hebben om inhoud en richting aan het leven te geven.

 

‘Ik ben niet erg belezen, ik ken de canon niet’

‘Ik ben niet erg belezen, ik ken de canon niet’

Het Parool, Boeken, 13 oktober 2018 Debuut: Jonge redacteur en beroemde schrijver Dieuwertje Mertens Als ghostwriter schreef ze ‘met een masker op’. Dat werkte bevrijdend, merkte Lisa Halliday toen ze een boek schreef over een onderwerp waarvan ze wist dat het tot roddels zou leiden. […]

#MeToo dringt door tot in het boek

#MeToo dringt door tot in het boek

INTERNATIONAAL  LITERATUURFESTIVAL  UTRECHT Schrijven volgens de eisen van deze tijd In een ideale wereld moet een roman niets. Maar in de uitgeefwereld van nu moet een roman van alles, schrijft Dieuwertje Mertens. Op het Internationaal Literatuur Festival Utrecht staat de roman een avond lang in […]

Het stokje van den magiër

Het stokje van den magiër

Het Parool, zaterdag 15 september 2018, Boeken

Slauerhoff nog steeds urgent

Dieuwertje Mertens

Dichter-scheepsarts Jan Slauerhoff (1898-1936) zou vandaag zijn verjaardag gevierd hebben. Nu, 82 jaar na zijn dood, verschenen eveneens de herziene Verzamelde gedichten met nooit eerder verschenen gedichten, bezorgd door Hein Aalders en Menno Voskuil en de herziene Slauerhoff Biografie van Wim Hazeu ‘met aanvullingen, correcties en stilistische aanpassingen’. Zowel de gedichten als de persoon Slauerhoff, ‘Slodderhoff’, ‘Slau’ laten een ongekende ‘demonische’ levenslust zien die hem een kleine eeuw na zijn dood nog steeds urgent en onvergetelijk maken.

 

‘Voor Slauerhoff b.v. zijn kachels en vrouwen even poëtisch, want hij heeft het stokje van den magiër, hij raakt de gewoonste dingen aan, en ze gaan trillen met een vreemd geluid. (..) Hij schrijft met een vrouwelijk raffinement, toch slordig; maar er onder is de donkere stem van het bloed, en dat is toch eigenlijk de poëzie’, zei dichter Hendrik Marsman in een interview in 1927 (Slauerhoff, een biografie).

 

Een kleine eeuw later zijn Slauerhoffs gedichten nog net zo geliefd. Als één van de meest gebloemleesde dichters zijn een aantal van zijn gedichten klassiekers geworden. Denk aan Voor de verre prinses (‘Wij komen nooit meer saam:/De wereld drong zich tussenbeide.(..)’) Of Wooninglooze (‘Alleen in mijn gedichten kan ik wonen (..)’ ).

 

Het laatste gedicht geeft veel van het karakter van de dichter prijs. Slauerhoff had een onrustige natuur en een beruchte reputatie als reiziger, druggebruiker en rokkenjager. Hij hield van vrouwen (daarom had hij er ook zoveel), maar kon zich niet binden. Hij vreesde zijn drift om te schrijven te verliezen door zich vast te leggen.

 

Toch probeert hij zijn hele leven zijn verstandhouding tot de liefde in gedichten te duiden in zinnen als ‘Een liefdesbrief is beter dan het lief’ En: ‘Arm hartje, klaag maar:/De liefde is eindeloos wreed,/Je krijgt haar niet en haat ze/Of je krijgt haar wel en dan gaat ze (..)’ Aan zijn latere roerige huwelijk met zijn grote liefde danseres Darja Collins, leed hij ontzettend. Des te meer omdat zij degene was die zich niet volledig liet bezitten.

Hazeus kloeke biografie, waarvan de eerste druk in 1995 verscheen, is een feiten- en anekdoterelaas dat zich vooral laat kenmerken door de zuivere afstand van de biograaf die handel en wandel van de reislustige dichter die hartstochtelijk bemind, bewonderd en gehaat werd nauwgezet beschrijft. Meer betrokkenheid van de auteur had in deze biografie niet misstaan, maar tegelijkertijd verschaft hij de lezer voldoende inzicht verschaft om zelf zijn conclusies te trekken.

 

Zo citeert Hazeu scheepslieden die scheepsarts Slauerhoff op handen droegen, omdat hij er alles aan deed om hen in goede gezondheid te helpen, waar hij weerzin voelde jegens de rijke passagiers. Zijn goede vriendin, dichter Jo Landsheer, prijst zijn invoelende karakter (hij begreep de vrouwelijke aard zo goed). Maar hij hield eveneens van sarren. Dichter en criticus Jan Greshoff: ‘Slauerhoff was van natuur en met graagte: een pestkop. Ik heb hem zelf bezig gezien toen hij, alléén om Eddy du Perron te treiteren, vliegen doodklapte tussen de bladzijden van Du Perron’s kostbaarste luxe-uitgaven.”

 

Dat karakter vol tegenstellingen komt ook terug in zijn poëzie, waar het sensitieve en het botte, het romantische en het cynische, het vormvaste en het slordige (doorbreken van rijmschema’s e.d) elkaar afwisselen. Slauerhoff, die zoals hij in een kritiek op van het werk Beversluis met zijn ‘gedichten vol gedachten’, schreef: “Sensueele en heftige aandoeningen daarentegen vormen hun vers zelf. Zij breken de strophen, verstooten het rhytme en bemeesteren hijgend hun eenigen eigen vorm.”

 

Die weigering zich te voegen naar het volmaakte, is onweerstaanbaar. En in die dwarse aard ligt natuurlijk de aantrekkingskracht van poëzie én persoon besloten. De niet eerder ontsloten gedichten die Aalders en Voskuil toevoegden aan Verzamelde gedichten blijken niet zozeer onmisbaar, want het zijn niet per se zijn beste en het zijn er al zoveel, maar ze maken dit fantastische naslagwerk wel compleet.

 

****Verzamelde Gedichten, J Slauerhoff, bezorgd door Hein Aalders en Menno Voskuil, 34,99

****Slauerhoff Biografie, Wim Hazeu, Arbeiderspers, 33,99

Beheersing vereist bij liefdesverdriet

Beheersing vereist bij liefdesverdriet

Analyse: Hoe transformeer je misère tot literatuur? Hoe groter het liefdesverdriet, hoe meer afstand en beheersing nodig zijn om daar een literaire vertelling van te maken. Met het uitgesproken hartenzeer van Petrarca hoef je tegenwoordig niet meer aan te komen. Door Dieuwertje Mertens ‘Voor iedereen […]

Zon, zee en een stapel boeken

Zon, zee en een stapel boeken

De zomer is voor velen hét moment om te lezen, blijkt uit onderzoek en koopgedrag. Vooral thrillers doen het goed, maar ook is er tijd voor dat ene boek dat je altijd al had willen lezen.   Er was een zomer dat ik met Anna […]

Niet zo’n liefdevolle blik

Niet zo’n liefdevolle blik

Het Parool, PS Boeken, 16 juni 2018

Drie liefdesverhalen en de male gaze

Op welke manieren kijkt een man naar een vrouw? Ziet hij zijn eigen projecties en verlangens weerspiegeld of ziet hij haar gebreken? Is zijn blik hard en genadeloos of liefdevol? Zí­et hij haar? De Zweedse schrijver Lina Wolff (1973) onderzoekt in haar tweede boek, De polyglotte geliefden de mannelijke blik (male gaze) en de onderliggende machtsverhoudingen.

‘Dus je bedoelt dat ik niet goed ben in bed?’ zei de vrouw.(..) ‘Je bent niet goed. Je bent te oud, te geremd en te saai.’ Het mededogen dat Max voelde voor de uitgerangeerde secretaresse die hij meetroonde naar een hotelkamer voor een onenightstand, slaat om in minachting en haat. Max staat voor de seksualiserende, objectiverende male gaze. Als hij het hotel verlaat, spreekt de vrouw een vloek over hem uit. Max probeert die te verbreken door een boek te schrijven. Zijn manuscript verbindt de drie vertellers van De polyglotte geliefden op geraffineerde wijze met elkaar.

De drie eigenzinnige karakters Ellinor, Max en Lucrezia vertellen in hun aangrijpende vertelstijl hun liefdesgeschiedenis. Ellinors eerste liefde Johnny vraagt haar: ‘Is er iets waar je altijd van hebt gedroomd dat een man het voor je zou doen?’

Dat is er: ze wil leren vechten ‘als iemand die erop losbeukt’. Ze leert dat niet seks, maar het gevecht mensen nader tot elkaar brengt: ‘als je voor je tegenstander staat, zijn er momenten waarop je recht bij de ander naar binnen kunt kijken en precies begrijpt wie hij of zij is.’

Lucrezia is de weinig knappe dochter van een verarmde adellijke familie. Ze groeit op in een paleis vol spiegels, volgens de kelners voldoende om mensen in toom te houden, want ‘niemand is zo streng voor zichzelf als de eigen blik’. Als Max met zijn assistent Marco Devoti het paleis bezoekt om de oude markiezin te interviewen voor zijn boek, dringt Marco zich aan Lucrezia op. Hij plaatst haar voor de spiegel in haar kamer, terwijl hij haar uitkleedt en ontmaagdt. Ze ziet alleen zichzelf, maar Marco Devoti verdwijnt nooit meer uit haar gedachten.

De polyglotte geliefden is een diepgravend, gelaagd literair meesterwerk. Alles draait om hoe geliefden naar elkaar kijken. Mannen en vrouwen hebben geleerd om vrouwen door die seksuele blik te bekijken en te beoordelen. Bewustwording maakt een andere manier van kijken mogelijk en daarin schuilt ware liefde, lijkt Wolff te willen zeggen.

 

Vandaag gaat het gebeuren

Vandaag gaat het gebeuren

Woorden temmen met Kila&Babsie   Soms vergeet je – ook als (poëzie)criticus– hoe leuk poëzie is of kan zijn. Het dichterduo Kila&Babsie selecteerde voor haar prachtig vormgegeven Woorden temmen vierentwintig lievelingsgedichten, begeleid door (taaltechnische) wetenswaardigheden en opdrachten voor beginnende poëzie-lezers en –schrijvers. Het plezier spat […]

Tijd voor een seksuele revolutie

Tijd voor een seksuele revolutie

Het Parool, PS zaterdag 2 juni 2018, Je bent maagd, vrouw-van of hoer Dieuwertje Mertens De Franse pers reageerde verbaasd op In de tuin van het beest van de Frans-Marokkaanse Leïla Slimani. Met haar achtergrond had men een ‘kuiser en meer ingetogen’ boek verwacht. Slimani […]

Lekker fietsen

Lekker fietsen

Gedichten van mensen met een verstandelijke handicap

Één van de leukste albums die de afgelopen jaren is verschenen is De speeldoos ( 1 en 2) van Roos Rebergen en Torre Florim, waarop een aantal fantastische nummers staan met liedteksten die afkomstig zijn van mensen met een verstandelijke beperking, zoals Geen mens helpt mij de winter door of ‘Jezus is de zoon van God/ en ik ben de zoon van mama.’ Een tekst met een logica en zeggingskracht  waar geen speld tussen is te krijgen.

Door De Speeldoos was ik ook nieuwsgierig naar de bundel Waar ik weg waai. Inge Raadschelters bracht voor het project Het andere gedicht 156 gedichten van mensen met een verstandelijke beperking samen. ‘Het doel van dit driejaarlijkse project is in eerste instantie sociaal, emancipatoir en inclusief’, staat in het voorwoord. Zelfexpressie is belangrijk, maar maakt niet per se een goed gedicht (teveel zelfexpressie levert meestal beroerde poëzie op). Toch bevat de bundel een aantal originele en aanstekelijke gedichten, zoals ‘Lekker fietsen’ van Yorick Mollenhorst.

 

Lekker fietsen

 

Foto’s en selfies

Zonsondergang

Fietsen

Langs het Weerwater

Prachtige zwanen zwemmen

 

Hoe zwemmen ze?

En hoe blijven ze drijven?

En hoe zijn wij

Als mensheid

op aarde gekomen?

En waar vandaan?

Uit welk universum?

 

En dan weer door

Fietsen

Naar de groep

Thuis uitrusten

Eten

Boodschappen

Brood smeren

Volgende dag

Weer op de fiets

En dan weer naar

De Witte Olifant

 

De dichter maakt vaart maakt op zijn fiets. Dat blijkt wel uit de eerste strofe waarin hij kort (buiten adem misschien wel) in steekwoorden samenvat wat de fietstocht hem brengt. Plotseling wordt hij getroffen door het aanzicht van de ‘prachtige zwanen’, die brengen hem tot  filosofische bespiegelingen en  levensvragen waar niet zo makkelijk antwoorden op te vinden zijn. ‘En dan weer door’, want de plicht roept, er moet nog van alles. Gelukkig ligt er de volgende dag weer een fietstocht in het verschiet. Hij gaat weer (?) naar de Witte Olifant. Er hadden wat zinnen geschrapt kunnen worden uit de laatste strofe, maar die vertellen ook wat over Yoricks leven. Hij eindigt met een raadsel: Wat is de Witte Olifant? En wat zal hij ditmaal aantreffen?

De bundel is verkrijgbaar via Special Arts.