Recent Posts

Balanceren op het randje van kitsch

Balanceren op het randje van kitsch

Het Parool, Donderdag 25 januari 2018 Verhelst is de koning van de Esthetiek Dieuwertje Mertens Vandaag is de Poëzieweek begonnen, Het bijbehorende poëziegeschenk werd dit jaar geschreven door de Vlaamse dichter, romancier en regisseur Peter Verhelst, die ook een gedicht voor de bibliotheken maakte, dat […]

Hapiness alom

Hapiness alom

Awater, winter 2018 ‘Ik zong het sasjajanssenlied waarvan men lustte’ Dieuwertje Mertens ‘Stil even, als onze taal happy is, dan ook onze daden/of is het juist andersom?’ dicht Sasja Janssen in het titelgedicht van haar vierde bundel Happy. Welke invloed heeft de taal op onze […]

Boos en machteloos tegelijk

Boos en machteloos tegelijk

Het Parool, PS zaterdag 20 januari 2018

De gruwelen in de wereld

Dieuwertje Mertens

De dichtbundels die Remco Campert (1929) de afgelopen jaren uitbracht, stonden in het teken van zijn naderend afscheid, maar in Open ogen dringt ook de actualiteit de bundel binnen: de dichter houdt zijn ogen wijd opengesperd en aanschouwt de gruwelen in de wereld.

Afgerukt been bot bloed/ laaiend vuur in de vlieghal/ zij zit met het hoofd van haar kind in handen/ schedel beroofd van dromen/ hij merkt in een tel van eeuwigheid/ dat zijn benen ontbreken/ en sterft. Campert windt er geen doekjes om in zijn openingsgedicht Zaventem. Het bloederige tafereel mondt uit in een gebed: god ontferm u/ en schaf religie af.

Campert windt er geen doekjes om in zijn openingsgedicht

Met zo’n direct gedicht zet hij de lezer op scherp. Dat Campert zich op de valreep en voor het eerst in zijn dichterscarrière op de actualiteit stort, is buitengewoon prijzenswaardig en verfrissend te noemen. Daarnaast bevat Open ogen, net zoals voorgangers als Licht van mijn leven (2014) en Levensloop (2015) ook meer persoonlijke gedichten over een bijna voltooid leven en het bijkomende gemis van (overleden) vrienden, onder wie Eddy van Vliet en Rudy Kousbroek. Hoewel ook hierin de dood centraal staat, zijn het in deze actuele bundel toch een beetje vreemde eenden in de bijt tussen de gedichten over aanslagen, vluchtelingen en oorlogskinderen.

Er komen allerhande nieuwsbeelden voorbij, zoals dat iconische beeld uit 2016 van de vijfjarige Omran die in shock verkeert, nadat hij in Aleppo onder het puin vandaan is gehaald en in een ambulance op een stoeltje is gezet: Ik zag een jongetje zitten verwezen/ op een stoeltje bedekt met bloed/ en asgrauw puinstof/ onder een huis weggehaald/ met bommen bestookt/ door Assads moordenaarstroep// dit gedicht helpt hem niet/ maar het is genoteerd.

Veel van de actuele gedichten zijn erg letterlijk: Campert beschrijft wat hij ziet, verbaast zich erover en/of geeft zijn mening (godsdienst moet worden afgeschaft, Assad is een massamoordenaar). Kenmerkend is zijn eigenzinnige woordkeuze (‘verwezen’, ‘de hebniks’). De beste gedichten in Open ogen bieden niet alleen ruimte voor opwinding, maar ook voor (muzikale) verwondering – een kwaliteit waar Campert in uitblinkt.

In Licht van mijn leven beschreef hij zijn poëzieopvatting als volgt: poëzie is de toon/ die muziek maakt. Aan dat credo voldoet bijvoorbeeld het gedicht Aanslag (2): Een godsdienst, mij vreemd als elke,/ waart over de wereld met razend duister/ uit op het bloed van de maagden/ bataklàn bataklàn bataklàn/knallen de kalasjnikovs

Campert maakt zich boos, maar is zich ook bewust van zijn machteloosheid; een dichter kan de wereld niet redden. Er is maar één manier om verlossing te vinden: ik laat achter wat mij zorgen baarde/ ik sta op in de dood/ een vrije mens/ die zich thuis voelt in tijdloosheid.

 

Erecties houden geen stand, luisteren helpt

Erecties houden geen stand, luisteren helpt

Over taal vs. terreur Frank Westerman meets Mohsin Hamid tijdens Writers Unlimited in Den Haag. Gespreksleider: Chris Keulemans. Kan taal een oplossing bieden bij geweld? Oftewel: kan een pen een wapen zijn? Deze vraag is zo idealistisch en naïef, dat de setting waarin hij gesteld […]

‘In America, you are black, baby’

‘In America, you are black, baby’

Kritische blik op de verhouding tussen blank en zwart in Amerika Dieuwertje Mertens Ifemelu keert na dertien jaar in Nigeria als Americanah (zo worden de ‘veramerikaanste’ Nigerianen genoemd die na een verblijf in de VS terugkeren), waar haar jeugdliefde Obinze na een mislukte immigratiepoging woont. […]

De kwetsbaarheid van de dingen

De kwetsbaarheid van de dingen

Het Parool, PS boeken 6 januari 2017

Dieuwertje Mertens

In haar goed ontvangen debuut Papieren veulens (2013) schept Hanneke van Eijken (1981) een sprookjesachtige wereld met een scherp randje. Ook de opvolger Kozijnen van krijt is op het eerste gezicht een lieve bundel vol beelddronken gedichten waarin kinderspel, een leven dicht bij de natuur en zachte dieren een rol spelen. Maar pas op: geluk is kwetsbaar.

de baai is kalm/ ligt als een nagel in het eiland gedrukt// de bijen sterven vroeg dit jaar, achter de bergen/ wacht de ijstocht, begint de bundel. De baai mag dan wel paradijselijke associaties oproepen, maar dat de bijen dit jaar vroeg sterven is al een vooraankondiging van de strenge winter die zal komen.

In het eerste deel, We gaan gelukkig slapen, schetst Van Eijken een tijdloze en onschuldige wereld die wordt gekenmerkt door eenvoud: de mens leeft samen met de natuur en geluk is dichtbij. Deze middag mag in barnsteen stollen (…) de dag is de palm van een hand/ die ons draagt// ik hou ons/ tegen het licht en je lacht.

Het is alsof dat eenvoudige geluk steeds verder van ons af is komen te staan: Stapvoets leerde ik tussen muren ademen ik verlangde steeds minder/ naar de mogelijkheden van een open veld. Het open veld is echter binnen handbereik: ik hoef alleen maar/ een haakje los/ een deur van het slot te laten.

Aaibaar vocabulaire, maar je voelt de onderhuidse dreiging

Van Eijken blinkt uit in het tonen van de kwetsbaarheid van de dingen, zoals in Vader: Hij vlecht scheepjes/ en een heel gezin van helmgras// hij zegt dat ik moet zwaaien en/ ik blaas de vloot een behouden vaart toe. Dit tafereeltje lijkt heel onschuldig, maar is het dat ook? Wat staat het (vluchtelingen)gezin in het bootje te wachten? Die onderhuidse dreiging en de tegenstelling tussen het aaibare vocabulaire en datgene wat ongezegd blijft, maakt van de bundel een wolf in schaapskleren.

De grote, boze buitenwereld (het verhaal van een vluchteling, de aanslagen in Parijs) is moeilijk op afstand te houden. Maar blaffende honden bijten niet altijd: de protagonist van Geen gebrek aan motivatie, die zomaar Thierry Baudet zou kunnen zijn (Ik laat me graag fotograferen,/ liggend op een sofa of piano) verschuilt zich onder zijn dekbed; hij weet ook niet zo goed waarom hij altijd schreeuwt.

Maar toch: we zijn onderweg iets kwijtgeraakt, wat alleen nog in onze herinnering bewaard is gebleven. In het slotgedicht Point of no return maakt Van Eijken pijnlijk zichtbaar hoe we zijn afgedreven: hier zijn we nog net helemaal, roep ik je toe/ vanuit dit zorgvuldig gemetselde huis (…) kom, duw mijn mondhoeken omhoog/ in een grijns, hijs mijn hoofd op mijn schouders terug.

Hanneke van Eijken; Kozijnen van krijt, PROMETHEUS, 60 blz, 19,90

 

De adem zingt als een mechanisch vogeltje

Met een beetje geluk heb je honderdtwintig minuten tijd
om een gedicht te schrijven
als je peuter slaapt

je roept snel beelden op van steden, exotische dieren of fruit
dat te lang gelegen heeft, maar wat je hoort
is het ritme van zijn adem die zingt
als een goudversierd mechanisch vogeltje
zo’n vogeltje dat Russische tsaren gehad moeten hebben
de adem zoemt door het speakertje
je denkt aan hoe de beentjes als zachte was gevouwen liggen
armpjes in een statische juichkreet boven het hoofd
de billen parmantig in de lucht

het geluid van de adem doet ook denken aan regen, de regen
die je nog kent van toen je door Azië reisde
de regen die in transparante panelen uit de lucht komt zeilen

letters verschijnen op het scherm als vissersboten
in een baai in de ochtend, nadat de fuiken zijn leeggehaald
de smalle zonen met hun vaders op het dek staan klaar
met touwen om aan te meren
op het strand wachten moeders met manden, de tijd is een deur

die open staat en waar je door naar buiten stapt, de regen in
de loden ochtend aan een verre kust en je telt de sproeten
op je arm, letters
op een leeg vel die alleen te zien zijn in het juiste licht

 

 

De beste boeken van 2017

De beste boeken van 2017

Het Parool, PS donderdag 28 december 2017 Zo’n eindejaarslijstje met de beste boeken, exposities en films van 2017 slaat natuurlijk nergens op. Ik schrijf over fictie en poëzie, dus ik moet appels met peren vergelijken. Bovendien heb ik bij lange na niet alles gelezen om […]

‘De lezer heeft me nu met huid en haar’

‘De lezer heeft me nu met huid en haar’

Het Parool, PS 4 november 2017 Dieuwertje Mertens Schrijver en kunstenaar Charlotte Mutsaers werd afgelopen donderdag 75 jaar. Volgende week zaterdag viert ze Het Grote Charlotte Mutsaers Verjaardagsfeest in de Rode Hoed. Daar presenteert ze tevens haar roman Harnas van hansaplast, Het grote Charlotte Mutsaers […]

‘Zullen wij in de hemel komen?’

‘Zullen wij in de hemel komen?’

Het Parool, 3 november 2017

Dieuwertje Mertens

Met haar derde roman, Hoor nu mijn stem, is Franca Treur (1979) terug in het Zeeland uit haar succesdebuut Dorsvloer vol confetti. In haar vorige roman, De woongroep, haalde ze een navelstaarderige, Amsterdamse yup uit haar comfortzone, wat tot teleurstellend voorspelbaar proza leidde. Het is juist het ingetogen gereformeerde romandecor waarin Treurs vertelstem (stilistische) hoogten bereikt.

‘In het huis waar ik opgroeide leidden we een doodstil leven, op een doodstille plek niet ver van de zee,’ vertelt haar hoofdpersonage Gina. Langzaam ontrolt zich het leven van Gina, een gereformeerd meisje dat tot het besef komt dat er meer te koop is in de wereld.

Omdat haar ouders op jonge leeftijd zijn verongelukt, groeit ze op bij opa, tante Sjaan en tante Ma, die het wonder der bekering heeft meegemaakt en daarom vele malen hoger in de hiërarchie staat dan Gina. In haar heeft de Heere nog geen lust, omdat de zonde nog in haar huist. Alles staat in het teken van het Woord dat geen tegenspraak duldt. ‘V Wat moet er dan met ons gebeuren, zullen wij in de hemel komen? A De Heere Jezus moet woning in onze harten komen maken.’ Die archaïsche, geladen Bijbeltaal vol directieven werkt heel verstikkend: er is geen enkele ruimte voor eigenheid.

Zodra ze gaat studeren, groeit de kloof tussen Gina en haar familie. Op intelligente en beschouwende wijze laat Treur precies zien hoe Gina van haar geloof valt en zichzelf opnieuw uitvindt. Ze hunkert naar liefde: “Ik heb zoveel liefde in me (…). Ik zou van een stoptrein kunnen houden, of van de meelfabriek,” zegt ze tegen een vriendin, nadat ze het met haar jeugdliefde heeft uitgemaakt. Toch lopen al haar liefdes op niets uit.

Treur vertelt Gina’s verhaal via twee sporen en alsof het twee verschillende personages betreft ook middels twee vertelperspectieven: we volgen de coming of age van de jeugdige Gina, die dan nog Ina heet, in de eerste persoon en van de 35-jarige Gina die een succesvol cultuurprogramma op de radio presenteert, in de derde persoon. De twee verhaallijnen ontmoeten elkaar in het heden.

Als tante Ma ziek wordt en Gina’s werkgever haar tijdelijk op non-actief zet, gaat ze terug naar huis. Daar gaat ze de onvermijdelijke confrontatie met zichzelf aan; de twee ‘Gina’s’ vallen samen. Treur verschaft de lezer inzicht in haar getroebleerde personage. Via Gina geeft ze de gereformeerde meisjes die opgroeien achter de dijken in Nederland een gezicht en wellicht een perspectief.

****

LEESFRAGMENT

Franca Treur; Hoor nu mijn stem

FICTIE

Prometheus

349 blz.

22,50

 

Theater van wreedheid en van veiligheid

Theater van wreedheid en van veiligheid

Zuivering: Tom Lanoye schrijft roman over angst in Europa In zijn nieuwe roman schetst Tom Lanoye de gevolgen van angst en paranoia voor de samenleving. Terreur krijgt de overhand. ‘Onderweg naar het station telde ik vandaag acht zwaarbewapende militairen.’   Dieuwertje Mertens Halverwege het gesprek […]

‘I am a tree’

‘I am a tree’

Black Literature en blondje meisjes ‘Wie mag ik helpen?’ vroeg de barman. Hij keek beurtelings van mij naar de zwarte man in pak naast mij. ‘Ik ben aan de beurt,’ zei de man en hij bestelde een chardonnay. Ik was er vrijwel zeker van dat […]

Literaire wereld wordt voorzichtiger en harder

Literaire wereld wordt voorzichtiger en harder

Het Parool, PS Zaterdag 30 september 2017

Een optreden bij DWDD, een succesvolle blog, lovende recensies: om je boek aan de man brengen lijkt steeds meer nodig te zijn. En wat doe je als je eerste drie niet verkopen? ‘Niet iedereen kan doorgaan.’

Dieuwertje Mertens, afbeelding: Lotte Bronsgeest

Romanschrijvers die na meerdere titels nog geen grote verkoopsuccessen hebben geboekt, hebben het moeilijk in de boekhandel en bij de uitgever. Ze lijken het af te leggen tegen debutanten en bekende auteurs. Redacteuren zwijgen hier discreet over en uitgevers geven – begrijpelijkerwijs – geen cijfers.

Schrijver Marieke Groen wist wel hoe laat het was toen haar uitgever haar anderhalf jaar geleden uitnodigde voor een kop koffie, nadat ze had gevraagd om een intentieverklaring voor een nieuwe roman. Na drie boeken zegde Thomas Rap de samenwerking op. Van haar laatste roman waren slechts 400 exemplaren van een oplage van 1000 verkocht en haar vorige romans waren ook al geen verkoopsuccessen.

‘Je bent zo goed als je laatste boek heeft verkocht. Ik heb me lang ontzettend geschaamd’

Na het gesprek ging Groen naar huis. Ze deed alle exemplaren van De andere familie Klein (2015) in een doos en zette die in de berging. “Het was het beste boek dat ik tot nu toe had geschreven, maar ik begon er een hekel aan te krijgen. Je bent zo goed als je laatste boek heeft verkocht. Ik vroeg me af of ik nog wel schrijver was. Ik heb mij heel lang ontzettend geschaamd, tot ik er openhartig mee naar buiten trad. Veel auteurs spraken mij aan, omdat ze hetzelfde hadden meegemaakt. Er wordt nauwelijks over gesproken, maar het kleine en middensegment van auteurs is aan het verdwijnen. Alleen de bestsellers en hippe debutanten blijven over.”

Hoewel het niet slecht gaat met de verkoop van boeken, is de verkoop van literaire fictie de afgelopen vijf jaar afgenomen, blijkt uit Boekwerk Monitor 2017 – De Markt. Een relatief kleine groep toptitels zorgt voor vijftig procent van de totale boekverkoop. Er is sprake van zogenoemde ‘bestsellering’ binnen alle genres, dat wil zeggen dat een kleiner deel van de titels zorgt voor een groter deel van de verkoop.

Restpartijen

In navolging van de markt zijn uitgevers minder (fictie)titels per jaar gaan uitgeven. Zo gaf De Bezige Bij twee jaar geleden nog 250 titels per jaar uit, nu zijn dat er 150. Ook zijn de oplages kleiner geworden, zodat er geen enorme restpartijen ontstaan en er geen grote voorraden hoeven worden opgeslagen, want ook dat is duur.

“Uitgevers zijn sinds de boekencrisis in 2010-2011 eerlijker geworden over de commerciële gronden van de uitgeverij,” zegt Mark Beumer, hoofd verkoop bij De Bezige Bij, waar Thomas Rap ook toe behoort. “Van de liefde voor literatuur alleen kunnen we niet leven.”

Voordat de nieuwe titels zijn verschenen, gaat hij met zijn team bij de boekhandel langs om te pitchen, in de hoop dat de boekhandelaar zo veel mogelijk exemplaren inkoopt. “Boekhandelaars zijn steeds meer genoodzaakt zich te focussen op de grote namen. Stel je voor dat de toptitels uitblijven, dan red je het niet als uitgever. Voor een auteur uit het middensegment is het in de huidige markt lastig voet aan de grond te krijgen,” zegt hij.

“Natuurlijk moet je als uitgever ook de ruimte creëren om te bouwen aan een schrijverschap. Een goed voorbeeld is Alfred Birney bij De Geus: voordat hij de Libris Literatuurprijs voor De tolk van Java won, was hij geen bekende auteur. Hij heeft dertien boeken geschreven voordat hij uiteindelijk succes kreeg.” Hoeveel auteurs bij De Bezige Bij moeten vertrekken vanwege tegenvallende verkoop, kan Beumer niet zeggen: “Er zijn ook auteurs die er zelf voor kiezen weg te gaan, omdat ze ergens anders denken beter tot hun recht te komen.”

Smaak

Steeds meer romanschrijvers die geen contract meer van een uitgever krijgen voor een derde of vierde boek, kloppen aan bij agenten in de hoop een nieuw onderkomen te vinden, merkt ook literair agent Lolies van Grunsven. “Vaak kan ik weinig voor ze betekenen. Als ik hun vierde boek ergens moet onderbrengen en voor de eerste drie is al weinig belangstelling geweest in de pers en de verkoopaantallen waren gering, heeft het weinig kans van slagen bij andere uitgevers. Die kennen de cijfers ook. De literaire wereld is in die zin harder geworden.”

“Voor het middensegment moet je door de stroop zwemmen. Dat geldt voor de uitgever, de boekhandelaar, maar ook voor de schrijver.” Volgens Maarten Asscher, directeur van Boekhandel Athenaeum, is dat geen nieuwe ontwikkeling: “Er zijn eigenlijk maar twee categorieën schrijvers die potentieel goed verkopen: grote, succesvolle auteurs als Tommy Wieringa, Nelleke Noordervliet, Adriaan van Dis. Én nieuwe schrijvers, want zij zouden weleens een enorme verrassing kunnen zijn. Niet iedereen kan doorgaan met schrijven als de kwaliteit van het werk niet op een of andere manier wordt erkend.”

Oda Ritsema van Eck, accountmanager fictie bij Singel Uitgeverijen, denkt dat het middensegment kleiner wordt. “Een debutant heeft meer kansen dan een auteur die zijn derde roman uitgeeft.” Uit ervaring weet zij dat de boekhandel minder snel titels afneemt van auteurs die weinig verkopen. “Wat helpt is als we al kunnen zeggen dat er media-aandacht is, bij voorkeur een televisieoptreden. Maar dan nog kan de boekhandel zeggen: we wachten het wel af.”

En als zo’n titel dan toch in de boekhandel terechtkomt, moet deze snel succes oogsten, want een boek ligt gemiddeld maar drie à vier maanden in de winkel. “De rol van de boekhandelaar is belangrijker geworden,” zegt Caspar Dullaart. Als accountmanager fictie bij Atlas Contact probeert hij bij het pitchen van nieuwe titels te zoeken naar overeenkomsten in de smaak van de boekhandel, want die wil zich in toenemende mate onderscheiden door een persoonlijk stempel op de winkel te drukken.

Dat hangt volgens Asscher allemaal samen met de emancipatie die de boekhandelaar heeft doorgemaakt: “Kijk naar het boekenpanel van DWDD, de mening van de boekhandelaar doet ertoe. Hij is niet langer de laatste schakel in het proces, maar de eerste die het publiek in contact brengt met het boek.” Toch is het ook voor de boekhandel hard werken om een boek verkocht te krijgen: “Vandaar de permanente stroom activiteiten, de aanschaf moet een beleving zijn.”

Netflix

Voor de verkoop van een boek is het ontzettend belangrijk om zo breed mogelijk zichtbaar te zijn. Goede besprekingen, ‘4 of 5 sterren’, zichtbaarheid in de bladen, op televisie (bij voorkeur in DWDD), op festivals, in boekenclubs, blogs, op sociale media. “Lezers maken veiliger keuzes: het boek moet van alle kanten zijn aanbevolen,” zegt Ritsema van Eck. “En Netflix is een stevige concurrent voor een goede roman.”

Is er sprake van literaire verschraling in de boekhandel? “Ja,” zeggen Beumer, Van Grunsven en Dullaart. Ritsema van Eck twijfelt: “Kwaliteit staat hoog in het vaandel. Lezers hebben wel interesse in een mooi vormgegeven uitgave. Onze reeksen Privédomein en Perpetua doen het goed.” Non-fictie en dode auteurs? “Tja,” zegt ze.

Maar wat gebeurt er met de auteurs die geen onderdak meer vinden bij hun uitgeverij? Dat onderwerp ligt gevoelig. “Sommigen worden boos op de uitgeverij,” zegt Beumer. “Anderen vinden een kleinere uitgeverij, ze gaan in eigen beheer uitgeven of ze stoppen.” Ritsema van Eck: “Ze moeten een lange adem hebben. Sommige auteurs komen alsnog bovendrijven.”

Groen heeft lang nagedacht of ze nog een schrijver is. Het antwoord is ja. Ze geeft de hoop nog niet op. “Ik heb in totaal acht boeken geschreven, dus ik kan niet zomaar stoppen. Ik probeer nu via een crowdfundingsactie een boek uit te geven: De Frietsteeg en andere stukken. Het is verzameling van de beste stukken die ik de afgelopen tien jaar op mijn blog heb gepubliceerd met illustraties van Wilma de Bock.” Ze komt nog een paar honderd euro tekort*.

FLEXIBEL DRUKKEN

Oplages kunnen variëren van 150 tot in extreme gevallen 5 miljoen voor een bestsellerauteur als Dan Brown. Ook wordt er steeds vaker gebruik gemaakt van printing on demand. Distributeur Centraal Boekhuis heeft naast een opslag van 115.000 titels een 24 uursservice. Zo kan snel aan een onverwachte vraag worden voldaan. Bijvoorbeeld als boekhandelaren massaal gaan inkopen nadat het boekenpanel van DWDD een boek heeft aanbevolen.

  • Marieke Groen heeft ondertussen middels crowdfundingsactie het benodigde bedrag binnengehaald.